Vroeger werden machines ontworpen om een product te maken dat voldeed aan de gestelde product- en kwaliteitseisen, vervolgens werd snelheid belangrijk en weer later efficiëntie en verdere automatisering. En oh ja, de vuile productielijn moest natuurlijk ook schoongemaakt worden.

Als er dan een nieuwe lijn naast de eerste lijn komt te staan, terwijl de schoonmaker al nauwelijks bewegingsvrijheid heeft ontstaan er problemen. Tot overmaat van ramp blijkt er voor de uitbreiding een te krap budget beschikbaar en wordt gesteld dat de nieuwe lijn er wel even bij kan worden genomen omdat de ruimte toch dezelfde oppervlakte heeft… Al met al snap je het dilemma. Een nieuwe machine kost veel geld, in aanschaf en in gebruik, en moet na ieder gebruik schoongemaakt worden en dat kost ook geld. In begrotingen wordt vaak geen rekening gehouden met deze kostenpost en dus wordt schoonmaak een sluitpost. Terwijl men daarmee grote risico’s neemt op het gebied van voedselveiligheid én de veiligheid van schoonmaakmedewerkers. Het moet en kan echt anders, en beter, en goedkoper.

Hygiënisch ontwerpen is gelukkig inmiddels een bekend begrip in productieland. Machines worden hygiënisch ontworpen om enerzijds een (voedsel)veilig product te kunnen maken, en waarbij anderzijds een veilige bediening en gemakkelijk schoon te maken uitgangspunt zijn. In de machinerichtlijn (CE) staat deze eis (en dus wet) inmiddels vermeld. En dus is er geen probleem meer. Of toch wel?

Inmiddels zijn er al geruime tijd richtlijnen beschikbaar voor het hygiënisch ontwerpen van machines en gebouwen. Aspecten als afwerking, type materiaal, draineerbaarheid en reinigbaarheid komen hierin uitgebreid aan bod. Met het publiceren van richtlijnen alleen maken we het de schoonmaker echter helaas nog niet gemakkelijker. Daarom hecht ik veel waarde aan het onder de aandacht brengen van de juiste toepassing van deze richtlijnen in een complexe technische omgeving. Want één machine kan dan wel hygiënisch ontworpen zijn en de volgende in de productielijn ook, deze twee machines moeten ook nog met elkaar communiceren. Op dit moment is de techniek nog niet zover dat alles draadloos kan worden aangestuurd, dus is bekabeling nodig en daar ontstaat weer een nieuw probleem. Want hier waren tot 2014 geen richtlijnen voor waardoor gevaarlijke situaties voor schoonmakers ontstonden.

Een groot aantal kennispartners (machinebouwers, kabelproducenten, installateurs, levensmiddelenproducenten en schoonmaakbedrijf Hago Food & Industry) is in 2014 gestart om binnen het samenwerkingsplatform Safe Food Factory richtlijnen en oplossingen te realiseren voor hygiënische bekabeling. Een jaar later werden de resultaten en nieuwe producten gepresenteerd op een succesvol seminar. In 2016 zijn er bijeenkomsten georganiseerd om hier een vervolg aan te geven. We zien inmiddels in de praktijk dat de BV Nederland de Bekabelingsrichtlijn omarmd heeft en deze voorschrijft in bouwbestekken van onder andere nieuwe babypoederfabrieken, slachterijen en bakkerijen. En dit jaar, op 25 oktober, gaan we de BV België meenemen in ons verhaal en ervoor zorgen dat ook onze Belgische schoonmakers het makkelijker krijgen en veiliger kunnen werken.

Rene Bakker Hago Food & Industry

Workshop Hygiënische Bekabeling

25 oktober in Roeselare (België). Gastspreker: René Bakker, Hago Food & Industry. Dit artikel is een inleiding op zijn verhaal van 25 oktober over hygiënisch ontwerpen. Wil je meer weten over hygiënische bekabeling? Neem dan contact met hem op.

Contact opnemen
Deel dit artikel: